WERKLUST

Stuur jezelf en help een ander.

Reisbureau overheid.

25 maart 2016

Visuals.

disruptie

Ik hoorde laatst een jongerencoach uit over zijn werk. Hij legde contact met vroegtijdig schoolverlaters, bouwde vertrouwen op en probeerde hen te motiveren weer naar school te gaan of, als dat echt niet ging, aan het werk. Zoals tegenwoordig de gewoonte is wordt zoiets afgerekend. In dit geval aan de hand van het aantal jongeren dat is verwezen naar de organisatie die verantwoordelijk is voor de terugplaatsing op school of het begeleiden naar werk.

En dat is een beetje raar.

Het zou toch logisch zijn dat de jongerencoach samen met de jongere tot een passende keuze zouden komen. In plaats daarvan wordt de zaak overgedragen aan een (gemeentelijk) onderdeel dat er vervolgens mee aan de slag gaat. En soms leidt dat er toe dat het ene loket door verwijst naar een volgend loket. Dat er veel misgaat bij deze overdracht behoeft geen betoog.

De medewerker van het gemeentelijk loket beheert informatie waar  de jongere en de jongerencoach niet over beschikken. Tevens fungeert hij als poortwachter. Hij distribueert voorzieningen (hele dure) namens de overheid.

De gemeentelijk medewerker heeft een informatiemonopolie. Een monopolie dat in vergelijkbare situaties op grote schaal op de helling gaat. Neem bijvoorbeeld het reisbureau dat in oude tijden een kunstje kende dat de consument niet kon uitvoeren, namelijk het combineren van beschikbare vluchten en hotelbedden  naar en in een zonbestemming.

Dat kan inmiddels prima en goedkoper door de eindgebruiker zelf rechtstreeks met het hotel en de luchtvaartmaatschappij worden geregeld. Het gevolg is het wegvallen van voormalige informatiemonopolies, namelijk het reisbureau. Dat noemen we dan een disruptieve ontwikkeling.

Waarom zie je dit niet bij de overheid gebeuren?

Het hele aanbod zichtbaar en toegankelijk maken voor de eindgebruiker.  De poortwachter laten vertrekken mits je het zo kunt regelen dat voorzieningen alleen gebruikt kunnen worden door jongeren met een bepaald (risico)profiel.

Het hoort bij ontwikkelingen die zich bij sociale diensten gaan voltrekken. Zie hier een overzicht. In het bedrijfsleven gaat deze ontwikkeling sneller door de concurrentiedruk. Overheden zijn naar aard en opzet monopolies. Daar gaat dit ook gebeuren, het duurt alleen wat langer. Het kruitvat is groter, hoor ik daar iemand onlangs over zeggen en de lont is langer maar brandt wel al.

Het is maar dat u dit weet.

De discussie over het basisinkomen laaide de afgelopen tijd snel en hoog op in het hele land. Mogelijk het begin van een discussie over de toekomst van de sociale zekerheid. Want in dat kader zijn meer varianten te bedenken dan alleen het basisinkomen. Een denktank van de vier grote steden bedacht er een aantal en …

Verder lezen

drie schetsen over de toekomst van de arbeidsmarkt.

27 oktober 2015

Ik was erg gecharmeerd van het filmpje dat ik gisteren publiceerde en ga er dus nog even over door. Het uitgangspunt is simpel en geldt voor de arbeidsmarkt nu en in de toekomst. Hoe hoger je opleiding, hoe meer je kunt verdienen.
  Alleen is het wel zo dat dit niet keurig in een rechte lijn verloopt. De vraag naar hoger opgeleid personeel neemt sterk toe en daardoor worden de inkomensverschillen groter.

De belangrijkste factoren zijn dat het minimumloon stijgt, waardoor de de productiviteit van een geleidelijk groter wordende groep lager opgeleiden niet meer lonend is. Dus onder stippellijn doe je niet meer mee. Tegelijkertijd verdwijnen er banen in het middensegment. Hieronder heb ik dat getekend door hogere treden, alsof er een paar tussenuit zijn gevallen.

De tekeningetjes komen rechtstreeks uit mijn schetsboek. Ik heb geen poging gedaan het op te smukken.

De arbeidsmarkt van de toekomst.

26 oktober 2015


Een korte samenvatting wat ons de komende jaren te wachten staat op de arbeidsmarkt. De bottomline is heel simpel maar stelt ons ook voor een gigantische opgave.

  • Een markt voor hoogopgeleiden.

De vraag van werkgevers verschuift steeds meer naar hogeropgeleiden. De vraag stijgt sneller dan het aanbod. ( de prijs dus ook) en dus neemt de loonongelijkheid tussen hoger opgeleiden en lager opgeleiden toe.

We hebben in Nederland ook een minimumloon. Ligt je productiviteit onder de grens van het minimumloon dan ligt de werkloosheid op de loer. Omdat het minimumloon net iets sneller stijgt dan het productiviteitsniveau van lager opgeleiden wordt ieder jaar een iets grotere groep lager opgeleiden werkloos.

Daar komt nog bij dat de werkgelegenheid voor de middenberoepen krimpt.Deze groep solliciteert dan op lager gekwalificeerd werk en concurreert met de groep lager opgeleiden. De afvallers worden werkloos.

  • Hoe los je dit op?

Natuurlijk allereerst door scholing. Hierdoor kunnen mensen toch nog aansluiten op de markt met hoger gekwalificeerde vacatures. De andere oplossing is loonkostensubsidie. Dat geeft een prijsvoordeel voor mensen die anders vanwege hun gierige kwalificaties niet aan de bak zouden komen.

(Filmpje van mejudice)